Tot over een paar weken…

AAA1Ze bestaan nog. De appartementjes die je kunt huren in het centrum van een grote stad en die niet beschikken over WiFi. Zo eentje boekten we voor de komende twee weken in Màlaga.

Voor de eerste keer probeerden we het concept uit van Airbnb. Een kamer huren om bij andere mensen leven, hun badkamer en toilet delen, samen ontbijten,.. was voor ons meer dan een brug te ver. Neen, we houden van onze privacy en willen in alle rust genieten zonder ons van wie of wat dan ook te moeten aantrekken. Dat appartementje leek ons de beste keuze met dit doel voor ogen. Een eigen slaapkamer, een eigen badkamertje, een keukentje en een plaats waar een sofa staat en een televisie.

Vorig jaar boekten we nog zo’n gearrangeerde reis naar Portugal (Algarve). We werden door het busje van de reisorganisatie netjes naar ons hotel vervoerd (na eerst zeven andere hotels afgedweild te hebben), kregen een brochure mee met algemene info over de streek en dat was het. Geen host of hostess te zien gedurende de twee volgende weken.  Wat is dan tenslotte de meerwaarde van zo’n gearrangeerde reis?

Nu zochten we een vlucht, en vonden er zelfs eentje met vertrek vanuit Oostende, op een zucht van onze eigen woonplaats. Appartementje dus middenin de belangrijkste te bezichtigen plaatsen. Bakkerijtjes in de buurt, restaurantjes zat en een eigen keukentje als we een gerechtje willen klaarmaken uit de reeks van Pascale Naessens. Jawel, ook wij hebben ons laten verleiden tot haar kookkunsten en voelen ons er goed bij.

Geen WiFi betekent ook niet bloggen. Uiteraard hebben we onze telefoon bij, en zullen we waar we wél WiFi kunnen gebruiken eens contact nemen met de kinderen of de familie om te peilen naar de toestand van moeder. Maar voor de rest wordt het afkicken van het Internet en van de dolle toestanden van het dagelijkse leven. De pilletjes tegen hoge bloeddruk zullen in principe niet nodig zijn (al blijf ik ze uiteraard slikken).

Ik wil mijn lezers danken voor hun trouw bezoek aan deze weblog en voor de vele leuke reacties. Tot begin september ergens, als het God belieft (zoals mijn oma zaliger steeds zei).

Dat ik geen klachten hoor !!

 

Geplaatst in filosofie | Tags: , , , , , | 58 reacties

Laatste loodjes

AAA1

Vrijdag kwam een Chinees aan mijn voordeur bellen. “Mijnheer,” zo vroeg hij in het Mandarijns, “mag ik even in je compostbak kijken?”

“Natuurlijk, man,” antwoordde ik hem met een vlekkeloos Shanghai accent, “ik til het deksel voor je op. Neem gerust een kijkje, proef eens en neem wat inhoud mee in je binnenzak, als je iets wil voor onderweg.” Hij keek eens diep in de bak, roerde erin met zijn neus, knikte tevreden en zette nadien zijn wandeling verder. Op blote voeten en met twee dingetjes in zijn oren geplugd, waaruit waarschijnlijk muziek kwam. Welke muziek heb ik hem niet gevraagd, omdat het me ook geen centimeter interesseerde.

Wat heeft die Chinees met laatste loodjes te maken? Niks.

Zoals het de laatste tien jaar altijd het geval was, hebben we ons verlof gespaard tot het eind van de zomer. Zowat 90% van de Belgen heeft zijn vakantie al gehad. Dat is heel goed merkbaar aan het werkverkeer ‘s morgens. Veel drukker opnieuw, inderdaad.

Nog een paar werkdagen en het is aan ons. Mijn ‘werkplaats’ is er al op voorbereid. Als een gek werkte ik achterstallige dossiers af. Elke ochtend een halfuur tot een uur vroeger begonnen, ‘s avonds wat later de deur achter me dichtgetrokken. Clean desk, nu. Een beetje onwennig gevoel. Thuis werd de haag rondom geschoren (ongeveer tachtig strekkende meeter. Neem van mij aan: een serieuze klus voor een amateur-tuinier). Hier en daar wat opgeruimd binnenhuis, we zijn er bijna klaar voor.

Bijna, nog een paar werkdagen te gaan…

 

Geplaatst in filosofie | Tags: , , , , , | 67 reacties

De Thomas Pannenkoek Reisfotochallenge 016 – aflevering 31

D islam

Turkije.

In het midden van het beeld ziet u Aisu, Azime en Fatma. Drie Turkse meisjes van ongeveer twaalf jaar oud.  Het is 1992 en ze kijken verwonderd naar de strandwereld die de hunne niet meer is, ook al leven ze zelf in Antalya aan de Middellandse Zee.

Thuis lopen hun moeders nog rond in traditionele kledij, eigen aan de Moslimgemeenschap waar ze deel van uitmaken. In de late namiddag, rond zes uur, komen die moeders zich baden in zee. Ze houden hun lange, vormeloze kleed aan, zoals dat hoort voor een vrouw. Wordt hen toch verteld. Ze tillen de rokken niet op om in het water te gaan, integendeel. De stof ervan wordt doordrenkt met zilt zeewater telkens ze tot over de heupen in het water stappen.

Aisu, Azime en Fatima kijken rond zich heen, en zien Europese toeristen hun strand bevolken. Zedenloos, zo lijkt wel. Er zijn er in bikini, maar ongeveer vijftig procent van de dames doet ook hun bovenstukje uit in het openbaar. Zedenloze wezens? Welk geloof laat hen dit toe? Dan durven ze zo langs het water te stappen, met hun man. Nog zoiets. Mannen lopen in minuscule zwembroeken waarin je zowaar hun gereedschap kan ontwaren. Sommigen dragen zelfs een string, zo’n schoenveter die gans hun billen bloot geeft.  Geen lange zwembroeken tot op de knie, zoals ze het zien bij hun vaders. Neen, ze dragen korte speedo’s en wandelen hand in hand met hun vrouw of lief, langs het water. Hand in hand, in het openbaar!

Eigenlijk begrijpen ze niet zo goed waarom ook zij zich zo bedekt moeten houden, waarom zij ook geen bikinietje kunnen dragen zoals die kinderen van de toeristen doen. Ze hebben er thuis vaak discussie over gehad, en uiteindelijk mogen ze gaan zwemmen in de pakjes die ze dragen op de foto. Nu toch nog, want over pakweg een paar jaar, als hun vrouwelijkheid zich volop zal manifesteren, zullen ze zich moeten aanpassen aan de regels van thuis. De regels van de Islam.

Toen, bij het nemen van die foto, dacht ik dat dit een tijdelijk gegeven zou zijn. Dat de tijd zou komen dat ook die vrouwen zelf mogen kiezen hoe ze gekleed lopen. Op het strand, jawel, maar vooral gewoon op straat. Dat een meisje, als ze dit wenste en zich er goed bij voelde, een short zou mogen dragen in combinatie met een mooi topje. Dat ze zich zou mogen opmaken. Niet om als lustobject te dienen, maar gewoon om haar vrouwelijkheid uit te stralen, om trots te zijn op wie ze is.

Ik dacht verkeerd. Als radicale moslimbewegingen hun zin krijgen wordt alles nog strenger. Wordt de vrouw nog meer in een identiteitsloze verpakking verstopt en mag ze enkel nog binnenskamers mooi zijn. Niet voor de buitenwereld, enkel voor haar eigen man. Jezelf mogen uiten is een fundamenteel recht. Voor mannen, maar zeker ook voor vrouwen.

Aisu, Azime en Fatima zijn ondertussen volwassenen met kinderen die ouder zijn dan zij waren op die foto.

(namen zijn gefantaseerd)

Geplaatst in filosofie | Tags: , , , , , , , , | 54 reacties

“En, juffrouw, heb je zin om de postzegelverzameling van H. te zien?”

AAA1

We hebben ons een nieuwe salon gekocht. Een ‘zotte goeste’ tijdens de voorbije solden van juli.

De oude zetels vertoefden zo’n twaalf jaar bij ons. Ze dienden onder andere voor het ontvangen van de verschillende kandidaat-schoondochters die onze zonen meebrachten. De meisjes hun ingangsexamen, met andere woorden. Onze oudste had niet de reputatie om er veel mee te brengen naar huis, onze jongste toch wel ietsje meer.

We hadden een driezit en een tweezit. Ik zie onze twee schoondochters nog binnenkomen, heel aarzelend, samen met onze T. en H. Heel braaf zetten ze zich in de breedste sofa. Onze twee zonen gingen er telkens heel dicht bij zitten, om hen te beschermen tegen hetgeen ‘papa’ zou uitkramen. Dat ‘mama’ geen rare dingen zou vertellen of vragen, dat wisten ze wel zeker.

Toegegeven, het was een onwennige situatie, zowel voor hen als voor onszelf. Maar ik denk dat het voor hen al bij al nog meeviel. Onze zonen keken wel streng in mijn richting om te voorkomen dat ik het zou hebben over hun flatulentie of zo. Heb ik misschien ook gedaan toen, speciaal om hen te teasen, maar vandaag zijn onze twee gasten nog steeds gelukkig getrouwd, laat het zo gerust blijven.

Die breedste zetel was nog in prima staat, de smalste (waar R. en ikzelf elke avond samen, dicht bij elkaar zitten praten, lezen, TV kijken, een glaasje drinken,…) begon te blinken van de slijtage.

Tijd voor verandering, dus. Jammer, want we vonden het een mooi bankstel.

Grappig dat we in de solden een bijna identiek stel vonden, zowel qua kleur, uitvoering, zitgemak,…  Besteld in juli, verwachte levering november.

‘Geen probleem’, vonden we, want we zakten er nog niet door. Tot we woensdag een telefoontje kregen van de winkel dat de zetels leveringsklaar stonden.

“Oei, mevrouw, is het al november?” vroeg ik gemaakt verrast.

“November, mijnheer, neen toch, hoe kom je erbij?”

“Ewel, jullie hadden toch verteld dat de levering in november zou gebeuren?”

En dus moesten we maar zien dat we het oude bankstel zo vlug mogelijk kwijt raakten. Meegeven met de levering vond ik geen optie, want de gangsters die mensen vroegen honderd Euro om de oude zetels te recycleren. Zijn ze op hun tuit gevallen?

Een advertentie op Kapaza, waarbij we het stel gratis aanboden om af te halen, had meteen succes.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Geplaatst in filosofie | 64 reacties

De Thomas Pannenkoek Reisfotochallenge 2016- Aflevering 30

D

Dit is Faiza, een kokkin uit Gambia.

Ze was één van de weinig gelukkigen die werk vonden in het enige hotel van de oude hoofdstad Banjul. “Stad” is een groot woord, want in het gebied waar de president zijn residentie heeft vind je één kale hoofdstraat met verkrotte woningen en voor de rest wat zijweggetjes in zand. Een groezelige markt, een primitief ziekenhuis en een haventje dat de naam eigenlijk niet waard is. Enkel het ‘paleis’ had nog enige uitstraling. Daar woonde de  president ‘voor het leven’ bij wiens politiek ik me hardop vragen stel.

De mensen die ik sprak (of die mij spontaan zelf aanspraken, want Afrikanen zijn zeer gemoedelijk en sociaal) stonden heel sceptisch tegenover de eigenaren van het enige hotel van de binnenstad waar we verbleven, en dat in handen was van een oliestaat. Er heerst een enorme werkloosheid in het land, en de armoede is pijnlijk. Velen proberen ‘creatief’ te zijn en zelf een eigen business’ op te starten, maar weinigen slagen erin om dit financieel ook hard te maken.

Zo is er een stuk privé-strand afgebakend aan het hotel in kwestie. Binnen die afbakening mocht geen enkele Gambiaan komen die niks met het hotel te maken had. Een handvol vrouwen heeft er een ‘business’ van gemaakt om constant langs die afbakening te lopen om te proberen kennismaken met de toeristen. “Hey, madaaaaaam’, hééééééy, madaaaaaam, come here…! Come here, madaaaaaam!!!” Als je dicht genoeg bij de afbakening lag te zonnen spraken ze je van dichter aan. “What’s your name? Where do you come from?”

Openingsvraagjes die maar één doel hadden: een nieuwe klant winnen en ‘business’ doen. Eéns kennisgemaakt, trokken ze zich even terug en kwamen terug met een bordje vers fruit. Ofwel wandelen ze naar een vervallen loods, en kwamen terug met een lading kleren, waarvan ze hoopten er te kunnen verkopen aan de nieuwe toeriste. Na het ‘nodige’ afdingen weliswaar, want hun eerste vraagprijs was belachelijk hoog.

Zelf doorprikte ik vaak de hotelgrens, want zoals je weet ben ik een uitbundig wandelaar, en kan geen uren in een zetel zitten zonnen of lezen. Gegarandeerd werd ik dan aangesproken door plaatselijke mensen, die zich onmiddellijk als ‘vriend’ voordeden en een praatje begonnen met als doel je te lokken naar bijvoorbeeld een ‘oom’ uit het dorp die een supermarkt had (in realiteit: een winkeltje van vier op vier meter) en die kwaliteitsvolle produkten verkocht. Op den duur wisten die mensen dat ik altijd openstond voor een vriendelijk praatje, maar dat het bezoek aan zo’n ‘winkeltje’ voor mij niet hoefde…

De ‘kledij’ die de dames verkochten op het strand (made in China) stelde niet veel voor. De enige reden dat iets werdt gekocht was ‘medelijden’ met de verkoopsters. Die waren zich daar amper bewust van, en leken ervan overtuigd dat ze een economische behoefte invulden met hun handeltje, dat amper geld genoeg in het laatje bracht om een gezin te onderhouden.

Faiza had meer geluk. Zij werkte als kokkin in het hotel. Er zijn toeristen die haar behandelen zoals een koloniaal het met zijn slaven deed. Ik was beschaamd te merken hoe sommigen bij het ontbijt snauwden hoe ze hun eitje gebakken willen. Gelukkig was ze niet op haar mondje gevallen, en zette ze hen op een beleefde manier op hun plaats. Of liet ze hen een kwartier wachten tot ze haar op een beleefdere manier aanspraken.

Ik maakte graag een praatje met Faiza terwijl ze mijn eitjes bakte. Ze bleek intelligent en een perfect woordje Engels te spreke. Haar gevoel voor humor was ongelooflijk maf. Ze praatte enthousiast over haar man en haar zoontje.

Die laatste dag nam ik onze camera mee naar het ontbijt en poseerde ze maar al te graag voor een fotootje…

Geplaatst in filosofie | Tags: , , , , , , | 40 reacties

“Niet waar!”, zei ik…

AAA1

“Voor mij een koffie graag”, vroeg mijn schat aan de kelner.

“Geef mij dan maar een donkere Leffe”, zei iemand uit mijn mond.

Beiden zaten we dromerig voor ons te kijken. Er werd weinig gezegd. ‘Vermoeidheid’ was één oorzaak. Het is een traditie dat de aanloop naar onze vakantie onmenselijk druk is op het werk. Beiden werken we in een bedrijf waar ‘sluiten’ geen optie is. Collega’s gaan om de beurt met verlof, en de overblijvenden moeten maar zien dat de boel blijft draaien. En, zoals overal tegenwoordig, moeten we steeds maar meer werk verzetten met steeds minder volk.

Een paar jaar geleden besliste R.  dat ze het wat kalmer aan wou doen, en ging vier vijfden werken. Zelf deed ik begin dit jaar hetzelfde. We wisten beiden dat dit zou betekenen dat we dezelfde hoeveelheid werk zouden moeten blijven verzetten, maar dan in tachtig procent van de tijd. We hebben ons daarbij neergelegd, maar in de huidige vakantietijd is dit tempo moordend.

Een andere reden van de stilte was het feit dat R. mij door en door kent. Zij weet dat mijn hersenen de laatste weken, sinds het ‘vonnis’ dat mijn moeder kreeg, in een constant piekerproces zitten. Het is jullie opgevallen dat ik er nog niet veel heb over geblogd. Als ik erover schrijf, weet ik dat er een lawine komt van reacties als ‘veel moed’, ‘hopelijk moet zij niet…’. Allemaal heel warm om te lezen, maar om één of andere reden voelt dit ongemakkelijk aan. Ik kan het niet verklaren. Begrijp me niet verkeerd, jullie medeleven wordt fantastisch geapprecieerd.

Over drie weken, àls we op reis trekken, zitten we in Malaga. De toestand van mijn moeder is dermate dat ze vandaag, met de nodige hulp, nog steeds haar plan kan trekken thuis. Ze weet dat de klok tikt. De pijn die ze heeft is nu nog draagbaar. Ze wil per sé dat we onze reis maken, maar ik zou het mezelf nooit vergeven mocht haar situatie ineens drastisch omkeren en ik er niet bij kan zijn op haar laatste momenten.

Ik heb haar, sinds ons huwelijk bijna zesendertig jaar geleden, wekelijks opgezocht. Was nodig, want sinds het overlijden van mijn vader, vijfendertig jaar geleden, op één dag na een jaar na ons huwelijk, heeft ze zeer lastige momenten gehad. De laatste weken kom ik vaker langs. Is het vreemd dat ik dan telkens afscheid neem als was het de laatste keer dat ik haar zie? Niet in de vorm van knuffelen en kussen, want daar doe ik niet aan mee, is nooit ‘traditie’ geweest bij de Pannenkoeken, maar ik probeer op z’n Thomas Pannenkoeks telkens iets te zeggen waarbij ik mijn erkentelijkheid uit voor welke goede moeder ze voor ons is geweest. Neen, perfect was ze niet, maar dat is niemand van ons, mezelf in de eerste plaats niet.

Haar kanker-vonnis en het feit dat behandeling ervan geen optie is, was voor mij het begin van een rouwproces. Elke dag dat ik haar nog eens kan zien en spreken is een geschenk uit de hemel. En ik weet dat de dag komt, niet eens zo ver in de toekomst, dat ik over haar zal moeten spreken en schrijven in de verleden tijd.

Twee van mijn broers zijn de laatste weken op reis geweest, één ervan is het nog. Mochten wij thuisblijven, zou zij met een schuldgevoel zitten dat we door haar toestand niet vertrekken. Ik zei haar al dat we dit helemaal niet erg zouden vinden, maar zij denkt er anders over.

Gepieker, dus.

Ik dronk een slokje van mijn Leffe, terwijl we tussen het gepieker door ‘mensjes keken’. Af en toe zag ik pretlichtjes verschijnen in de ogen van mijn lieverd en wist ik dat ze weer iets had opgemerkt. Dan keek ik in haar gezichtsveld en had geen woorden nodig om te weten wat ze grappig vond. We zwegen en piekerden elk verder rond zaken die onze hersenmassa bezoedelden.

Toen zag ik het kopje koffie dat voor haar stond. De tekst die erop stond had ze zelf nog niet opgemerkt.

“Het is niet waar…” zei ik haar…

“Wat is er niet waar?” vroeg ze…

“Dat die koffie hotter is dan jij…”

Ik wees naar haar kopje.

Ze keek en lachte.

“Zot!”, zei ze…

Geplaatst in filosofie | Tags: , , , , , , , , , | 77 reacties

De Thomas Pannenkoek Reisfotochallenge 2016 – aflevering 29

D

Eten is niet belangrijk voor mij in het leven. Er zijn mensen die een orgasme krijgen bij het idee ooit eens naar een driesterren-restaurant te gaan – mij zegt dit echt niets. Als we met vrienden afspreken is dit meestal in een simpel bistrootje…

Op reis hebben we al heel wat (exotische) bestemmingen aangedaan, waar we het fijn vinden om lokale dingen te proeven. Meestal zijn die niet eens zo duur. Neem nu die keer dat we in Thailand werden rondgegidst door een Chinees. Een kurkdroge man die al ons doen en laten in de gaten hield en ons serieus onder onze voeten gaf als iets hem niet aanstond (en dat was vaak zo!). Op een morgen checkten we uit in ons hotel. Hij stond naast ons, en hoorde hoe we vier wijntjes afrekenden uit de hotelbar. Niet eens zo overdadig. We zaten in een dorpje waar verder niks te beleven viel, en hadden ‘s avonds gewoon een film bekeken op de kamer en die paar glaasjes gedronken. Hebben wij daar een donderpreek gekregen van die man! Hij was anti-alcohol en anderen moesten dit dan ook maar zijn.

Op onze tocht bracht hij ons telkens mee naar die restaurants waar elke toerist wordt naartoe geleid. Je kent ze wel, die zaken waar de gids een gratis maaltijd krijgt als hij toeristen ‘levert’. Nadeel is dat je in zo’n geval bijna dagelijks en overal dezelfde kost krijgt. Dingen waarvan men denkt dat de toerist die wel lust, die geen gevaar vormen voor diens darmgestel.

Telkens we op straat wandelden kreeg ik enorm trek naar die lekkere dingen die de plaatselijke bevolking kocht bij die kraampjes op straat. “Niet van eten!” werd door verschillende mensen aangeraden. Terecht, want de hygiëne van die hokjes was serieus ondermaats.

Toch had ik zin om die dingen eens te proeven, en kon me niet voorstellen dat in Thailand ook geen eethuisjes bestonden waar de plaatselijke bevolking gaat eten en ook een toerist kan binnenstappen. Ik vroeg het heel beleefd aan die gids, want potverdorie, hij moest echt met fluwelen handschoenen worden aangepakt.

Eerst weigerde hij resoluut, want hij vond dat wij moesten gaan waar hij dat zei, en nergens anders. Via een psychologisch trucje met veel stroopgesmeer hebben we hem op een avond toch zover gekregen om naar een restaurantje te gaan waar ook de echte Thai aan zijn trekken kwam. Die avond hebben we de gids voor de eerste keer zien lachen. Ook hij zat smakelijk mee te eten, en ging zelfs bij ons aan tafel zitten. Iets wat hij anders nooit of te nimmer deed. Wij vreesden dat zijn mond zou scheuren bij dit lachen, maar gelukkig was dit niet het geval.

Het fotootje bovenaan dit logje ziet er op het eerste zicht niet bijzonder lekker uit. Een reuze-conserveblik met samengeperste sprot of zo. Dit beeld werd sluiks genomen door het raampje van een restaurantkeuken in Griekenland. Voor mij toch liever verse vis, als het even kan. Recht vanuit de zee op de grill. Beeld je de heerlijke geur in, dit in combinatie met een vers Grieks slaatje. Frisse olijven erbij, wat fêtakaas, stukje brood, een wijntje. Griekse muziek op de achtergrond, het gekibbel van twee oude plaatselijke dames op straat, gekleed in van die typische zwarte klederdracht die enkel weduwes dragen. Kabbelende zee op de achtergrond en de gedachte dat je op vakantie niets moet doen.

‘Dolce far niente’.

 

 

Geplaatst in filosofie | Tags: , , , , , | 62 reacties