Hiëronimus Pannecoucke – aanplakken geblazen

2

Die anonieme brief van vorige week is op niets uitgelopen. Ik heb een vriend die laborant is en heb hem gevraagd het schrijven aan een ademtest te onderwerpen. Daaruit is gebleken dat de auteur in werkelijkheid geen postbode is, maar een transplanteur van schapendarmen. Meer nog, de vetplek op zijn werkbroek is een totaal verzinsel. Wat men tegenwoordig kan vinden met zo’n ademtest op een brief is niet te beschrijven.

Ik heb dan maar het initiatief genomen om drieduizendvierhonderddrieenzestig aanplakbrieven te laten drukken om te verspreiden over het Brugse grondgebied. Het voorbeeld vind je bovenaan. Ik verwacht van jullie dat elk tien exemplaren kopieert en ophangt in jullie buurt. Je weet maar nooit wat het oplevert. Wie een bruikbare tip levert waarmee ik onze Hiëronimus terugvind krijgt van mij een gerookte ham van een Lipizaner-varken gekweekt in een exclusieve kwekerij in Hoi An (Viëtnam).

De eerste affiche hing ik aan een boom die middenin het ex kerkhof aan de Sint Salvatorkathedraal staat. Een oud vrouwtje keek bewonderend naar mij en vooral naar de soepele manier waarbij ik plakband ontrolde, stukbeet tussen mijn tanden en aan vier zijden vastmaakte aan het papier, nadien het blaadje zorgvuldig over de schors van de boom drapeerde.

“Mijnheer, wat ben jij knap!” zei ze me, in de zwoelste stem die ze aan haar 92 jaar nog kon produceren. ‘Hoe ik haar leeftijd kon  raden’, hoor ik jullie denken. Niks van. Ik heb dit niet geraden, want ze zei zelf: “Mocht ik 29 jaar zijn in plaats van 92, ik zou wel weten met welke vent ik de wijde wereld zou intrekken. Met jou bijvoorbeeld, want zet iemand als jij midden op een zeilboot, en we varen zonder probleem de hele wereld rond.”

“Hoezo?” vroeg ik haar benieuwd, “ik kan helemaal niet varen, het is te zeggen, ik heb het nog nooit gedaan, en ik heb geen geldig visum voor Australië, waarbij het me zou verwonderen mochten we daar op onze rondreis niet aanmeren, zo in de havenstad Perth bijvoorbeeld, om er maar ééntje te noemen. Ik zou wel een tweede stad in Australië noemen mocht deze in mijn kop schieten, maar mijn geheugen is dat niet meer de laatste tijd. Meer nog, ik denk dat ik langzamerhand Alzheimer aan het krijgen ben. Eigenlijk, ik zou je een vraagje willen stellen, ééntje die terugkeert in elke kwis, of toch ongeveer. Wat is de hoofdstad van Australie? En kom nu niet af met Sydney, want dan zit je grandioos verkeerd.”

“Alzheimer! Ja, toch? Maar ik heb het niet voor ‘Den Duitsch’, zeker niet na hun laatste wereldoorlog. Weet je dat ik drie jaar droge boterhammen heb gegeten, van dat echt vies zwart brood dat toen je het tegen de muur kwakte gewoon bleef hangen, zo vies was het!”

“Alzheimer is geen stad, lieve dame, of mag ik Marcella zeggen? Alzheimer is een ziekte.”

“Zwijg ervan, den Duitsch heeft heel wat ziektes verwekt bij veel meisjes van mijn generatie. Bijvoorbeeld do-re-mi-fa-sol-la, euh, neen, ietsje verder, syfilis. Wij lachten ermee in de tijd. Begrijp je hem? Doremifasollasyfilis. Niet om te lachen, hoor, want met die ziekte moet je de tanden veel meer flossen dan anders!”

Ik gaf haar gelijk, wat kon ik ook anders.

“Maar, mijnheer, die affiche… zoek jij iemand, dan?”

“Ja, mijn achter-achter-achter… heel veel achtervoorvader Hiëronimus Pannecoucke. Geboren..” Zij liet me niet uitspreken.

“Ha, ja, die. Natuurlijk. Ik heb die nog gekend toen ik in het tweede studiejaar zat. Hij was blond en had een neus als een slagschip. Wat zeg ik? Die neus kon deuren openen, letterlijk dan. Zijn vader noemde Marcel en zijn moeder heette Aardbeienconfituur. Geen gebruikelijke naam in die tijd, maar die ouders waren zeer progressief.”

“Aardbeienconfituur?” vroeg ik ter bevestiging.

“Of was het nu Floortje-Pruimenpap? Ik weet het niet meer precies.”

Ze zei geen woord meer en stapte verder, richting Het Zand.  Zelf haakte ik mijn rugzak met affiches en plakband weer over mijn armen en stapte naar de eerstvolgende etalage om nog een poster uit te hangen.

Wat er ook gebeurt, vinden zal ik je, vriend Hiëronimus!

Advertenties

Over Thomas Pannenkoek

Ik ben wie ik ben, vraag mij niet waarom.
Dit bericht werd geplaatst in filosofie. Bookmark de permalink .

26 reacties op Hiëronimus Pannecoucke – aanplakken geblazen

  1. Myriam zegt:

    Voila, de affiches zijn geprint, ik hang ze vanmiddag op in Gent en omstreken.
    Hopelijk komt er snel reactie;) voorzichtig wel met die 92 jarige dames, een oude schuur die in brand vliegt, enfin je kent het gezegde wel 🙂

  2. heleen zegt:

    Door jou heb ik al genoten van de buitenlucht! Alle posters opgehangen. Als hij op dit moment geniet van een Hollandse pannenkoek, dan zal hij snel je boodschap krijgen!

  3. Harrij Smit zegt:

    Er staan hier in Drenthe zoveel bomen, dat ik het met 10 affiches echt niet red. Ik wil er liefst zoveel afdrukken dat ik er aan voor- en achterkant van elke boom een kan opplakken, want je weet maar nooit waar zo’n oude zwerver uithangt. Maar misschien strookt dat niet met jouw strategieën?

  4. Kristien zegt:

    Er komt weinig schot in de zaak, niet? Tijd voor wat hulp. Volgende week zondag trek ik naar het veldrijden in Oostmalle. Daar zal ik wat affiches voor je rondstrooien. Je weet nooit…

  5. Inge zegt:

    Amai zeg, dat wist ik niet van die ademtests op brieven… Wat gaan ze nog allemaal uitvinden?? Heb je er trouwens opgehangen in de gehuchten rond Brugge? Anders doe ik dat graag voor je, ik woon in dat gehucht daar net buiten de Smedenpoort, ge weet maar nooit dat Hiëronimus zich tot buiten de poorten gewaagd heeft…

    • Zou wel eens kunnen dat hij daar rondhangt, Inge. Met al die traiteurs daar, enzovoort. Ewel, als je een paar affiches rond de Smedenpoort wil ophangen, en dan misschien meteen ook in heel St.Andries? Het is toch mooi wandelweer…

  6. Rob Alberts zegt:

    Hier komen er Verkiezingen aan.
    Ik weet niet of dat lukt tussen alle andere aanplakbiljetten.
    Er staan wel allemaal borden op strategische plekken om iets op te hangen.

    Vriendelijke groet,

  7. Suskeblogt zegt:

    Ge moogt me gerust enkele affiches opsturen die ik dan aan het station zal bevestigen. Je weet maar nooit dat hij momenteel de stationsbuurt onveilig maakt.

  8. Joyce zegt:

    Do re me fa syfilis moehahahahahaha jezus wat moest ik lachen om die zin! Heerlijk geschreven weer Thomas 😀

  9. De Fruitberg zegt:

    Ik heb het niet voor den Duits 😉
    Moest die affiche niet in ’t OUd Neederlandsch geschreven zijn?

  10. Oh jammer, hij was dus geen echte postbode :-(. Nou dan klopt er dus niks van zijn verhaal, leg maar weg dan…
    Ik loop een beetje achter Thomas, denk je dat het nog zin heeft om hier in Centraal Nederland nog ergens een paar affiches op te hangen… België had toch ook in die tijd Napoleon als leider… keizer… of zo?
    Was Hiëronimus soms soldaat… Er is hier een Pyramide gebouwd op de heide door allemaal soldaten van Napoleon, je weet het niet… misschien is hij wel hier in de buurt gebleven… kan toch? Misschien is hier wel weer naar terug gegaan, had hij een marketentster als liefje of zo???
    Mijn God… mijn fantasie slaat ook op hol hoor ;-).

    • Rob Alberts zegt:

      Iets verder naar het Noorden bij de Pyramide van Austerlitz ligt het Franse Kamp.
      Misschien moet inderdaad het zoekgebied verruimd worden.

      Ik voorzie dat er nog een lange weg te gaan is.

      Zonnige groet,

      • Zie je wel… dat bedoel ik ook! Ik ben gelukkig niet de enige die dat idee heeft ;-).
        Ik zal mijn ogen goed open houden want ik werk daar als vrijwilligster… Mag vrijdag weer!
        Je weet maar nooit toch Rob? Hahaha…

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s